Niet macht, maar liefde en nabijheid tot anderen: in zijn eerste interview laat de stamapostelhelper, apostel Helge Mutschler zien hoe hij denkt, voelt en gelooft.
Sinds zondag 8 juni 2025 is het officieel!
Met de benoeming van apostel Helge Mutschler als stamapostelhelper heeft de Nieuw-Apostolische Kerk een aangewezen opvolger voor stamapostel Jean-Luc Schneider. Het duurt nog even tot zijn wijding met Pinksteren 2026 – tijd om de internationale kerk te leren kennen. En tijd voor de internationele gemeente om hem te leren kennen. Voorafgaand daaraan beantwoordde hij al eerste vragen in een interview met het hoofd Communicatie van de Nieuw-Apostolische Kerk Internationaal – open, eerlijk en met hoorbaar kloppend hart.
Beste apostel, eerst een paar cijfers. U bent de 875e apostel van de Nieuw-Apostolische Kerk en over ongeveer een jaar zult u als tiende stamapostel gewijd worden. Tegen die tijd zult u dan ook al tien keer “ja” hebben gezegd tegen een geestelijk ambt of taak. Kunt u zich uw eerste “ja” nog herinneren?
Nou… toen ik gewijd zou worden tot onderdiaken , wist ik ervan. Toen, in het najaar van 1994, bezocht de districtsoudste mij in de woonkamer van mijn ouders in Freudenstadt. Ik wist dat ik kort daarna naar Hannover zou verhuizen om te studeren. Daarom zei ik tegen hem: “Hans, ik sta op het punt naar Hannover te verhuizen om te studeren, het heeft geen zin om hier een ambt op mij te nemen.” Ik herinner mij zijn reactie nog goed. Hij riep luid: «Ambt is ambt». (lacht)
Dat klinkt misschien wat bijzonder vanuit het perspectief van nu, maar ik moet zeggen dat dat het verzet brak – niet vanwege de woorden, maar ik voelde dat er iets groots achter zat, en dat een “nee” op dat moment onmogelijk was. Wat de andere ambten betreft: de stap van diaken naar priester was voor mij erg groot en daar moest ik echt over nadenken. Mijn “ja” voelde ik eigenlijk al vanaf het begin, maar ik had tijd nodig. Nog meer tijd had ik nodig toen het ging om het apostelambt. Hoewel ik Gods roeping vertrouwde, was het geheel niet eenvoudig voor mij. Ik had een baan die ik geweldig vond en apostel worden verandert je hele leven. Maar dit “ja”, in combinatie met de gelofte van trouw aan Jezus Christus en de stamapostel, voelde ik heel diep en heb ik bewust gegeven.
En nu… bij de vraag over de opdracht van stamapostelhelper… (korte pauze). Voor mij voelde ik meteen vanbinnen: Dit is zó groot. Maar als de stamapostel met deze vraag naar mij toe komt, dan komt dit van God. Hij heeft daarvoor gebeden. Ik heb geen andere keuze dan mijn volledige vertrouwen in God te stellen. En zo aanvaard ik het… ik aanvaard deze roeping met een heel helder innerlijk “ja” op basis van geloof en vertrouwen in God.
Onze kerk is de afgelopen 50 jaar steeds in beweging gebleven. Welke goede oude traditie ligt u na aan het hart – en welke ontwikkeling vond u persoonlijk bijzonder belangrijk?
Zorg voor de naaste! Zielzorg was een pijler van onze kerk. Zo'n mooie traditie. En ik kan mij goed voorstellen dat dit weer centraal komt te staan. Het gaat om het opbouwen van relaties, maar ook om het onderhouden van relaties. Ik zou dat heel graag zien gebeuren… een “hartstocht voor zielzorg” laten opbloeien. Want het kan ook een prachtige ervaring zijn voor alle ambtsdragers. Zielzorg verbindt. En waar verbondenheid is, daar begint de troost en vreugde van de hemel.
Wat betreft ontwikkeling: ik denk dan aan stamapostel Urwyler en de persoonlijke verantwoordelijkheid. Dat waardeer ik zeer. Ik ben blij dat het steeds meer mogelijk wordt om zonder angst over geloof te praten. Praten over geloof zonder vooroordeel, op gelijke hoogte – dat is zó waardevol. Ik voel niet langer de druk of verwachting hoe je moet zijn of denken, maar meer acceptatie en tolerantie – toestemming om te zijn wie je bent. En dat vind ik een prachtige ontwikkeling.
Voor sommigen gaat het te snel, voor anderen te langzaam. Sommigen vragen: “Is dit nog mijn kerk?” Anderen: “Kan het ooit mijn thuis worden?” Aan wie moet je rechtdoen?
Voor mij gaat het niet om iemand “rechtdoen”. Dat is niet mijn taak, en ook niet die van het apostolaat. Het gaat om waarheid en helderheid. En er is waarheid… Wat is waarheid? Jezus Christus. Rondom deze waarheid is er verscheidenheid en een grote variatie aan perspectieven.
Stel je een kleurrijk bloemenveld voor – zo gevarieerd kan een gemeenschap zijn. En hoe mooi is het als wij kunnen zeggen: ik zie jou en ik respecteer je, ook al ben je anders. Want ik ben ook anders dan jij. En ik heb de ander ook nodig om vanuit zijn of haar perspectief te zeggen: ik waardeer jou, Helge, in je anders-zijn. Dat doet mij ook goed.
Over eenheid in verscheidenheid gesproken: mensen zijn vaak enthousiast over diversiteit in andere landen, maar hebben er thuis moeite mee. Hoe kan dit werken?
Zoals ik al zei: ik ben absoluut een fan van het “kleurrijke bloemenveld”. Maar diversiteit werkt alleen via dialoog. Dialoog betekent: samen bewegen door verschillen heen, zonder die te willen uitwissen. Dialoog betekent ook: ik waardeer de andersheid van de ander.
De liefde tot God en tot onze naaste, ons gemeenschappelijk geloof, onze geloofsgrondslagen, de verwachting van Christus’ wederkomst, het apostelambt enzovoort… dat alles draagt bij aan eenheid. Dat verbindt ons. En als wij goed blijven communiceren, kan diversiteit slagen binnen deze eenheid.
Waren er momenten waarop u zich innerlijk van God hebt verwijderd? Hoe vond u uw weg terug?
Ja, ik heb zulke momenten zeker meegemaakt. In een moeilijke fase van mijn leven heb ik mij van God afgekeerd en Hem de schuld gegeven. Dat heeft een tijd geduurd, en toen gebeurde er iets wonderlijks. Ik voelde dat deze God, van wie ik mij had afgekeerd, bij mij bleef. Ik dacht dat ik al erg koppig was. Maar Hij was nog koppiger. (lacht) Deze God trekt Zich niet terug, Hij blijft trouw in mijn leven. En toen ik dat besefte, ging het vrij snel en kwam de dag dat ik mij weer volledig tot Hem keerde, voor God stond met open armen, Zijn majesteit aanschouwde en net als Job zei: ”Ik leg mijn hand op mijn mond. Ik heb eenmaal gesproken en zeg niets meer, tweemaal – en doe er het zwijgen toe.” (Job 40:4-5). Ik was diep onder de indruk van deze God, van Zijn genade… en dat ben ik nog steeds.
U noemt Job…
Ik heb het boek Job in die tijd vaak gelezen en geprobeerd er antwoorden in te vinden. Ik kon me goed inleven in hoe verkeerd de vrienden van Job zaten… die betweters, die zogenaamd wijze vrienden. In de gesprekken met zijn vrienden vond ik geen antwoord voor mezelf… totdat aan het einde van het boek Job ineens het licht opging. Job daagt God uit. En God antwoordt: Dus, Job, Ik heb je vragen gehoord. Nu heb Ik een paar vragen voor jou: Wie schiep de aarde? Wie schiep de sterren? – enzovoort. Dat gaat een tijdje door. Job is stil – nederig. Maar God stopt niet. Job komt er niet zo makkelijk vanaf. En aan het eind van het boek zegt Job alleen: “Nu weet ik dat U, God, alles kunt.” Het gesprek is beëindigd, de zaak is afgerond. Het heeft lang geduurd voor ik dit begreep. Het antwoord op het lijden is even eenvoudig als moeilijk. Het antwoord op het lijden is: God. (stilte) Wie dit kan aanvaarden, laat die het aanvaarden.
Sinds 2021 maakt u deel uit van de kring van districtsapostelen. Hoe was uw eerste ontmoeting?
(lacht) Dat was een technische testronde, drie dagen voor de digitale districtsapostelvergadering tijdens de pandemie. Een voor een schakelden wij onze microfoons in om te controleren of alles werkte.
De eerste fysieke ontmoeting was echt indrukwekkend. Ik had uiteraard veel respect voor al deze erkende en ervaren mannen Gods. En dan roept de stamapostel je naar voren en vraagt je mening, voor iedereen. Dat was best spannend… maar anderzijds voelde ik mij heel hartelijk en liefdevol verwelkomd. Dat maakte het voor mij makkelijk.
Bij eerdere reizen hebt u ook kerkdiensten in heel kleine kring gevierd. Bijvoorbeeld een jaar geleden in Groenland. In 2023 was u daarentegen in Congo met de stamapostel en had u een geestelijke gemeenschap met bijna 30.000 gelovigen in Kananga. Hoe zou u deze verschillende ervaringen beschrijven?
In Groenland, in Ilulissat, vierde ik samen met mijn reisgroep een dienst met één geloofszuster. Dat is heel dichtbij, heel intens en heel vertrouwd. Het was ongelooflijk mooi en ontroerend.
Aan de andere kant was er Kananga in Congo, waar 26.000 broeders en zusters bijeen waren, of de IYC 2019. Daar is het bijna onmogelijk om de individuele persoon te zien. Vooral in grote zalen is het altaar altijd goed verlicht, waardoor je alleen een grote massa waarneemt. En dat maakt het veel moeilijker om direct contact te maken met het individu. Toch – en dat voelde ik altijd – is er iets in de lucht, een verbinding door de kracht van de Heilige Geest… dus ik zou niet zeggen dat het anoniemer is. Maar alleen de Heilige Geest kan dit tot stand brengen. Ik waardeer beide.
Enerzijds: Ik ben goed zoals ik ben – geschapen naar Gods beeld. Anderzijds: Ik ben een zondaar omdat ik Gods wil niet altijd vervul. Hoe past dit bij elkaar?
Dat past eigenlijk niet. Die ambivalentie is een tegenstelling die niet opgaat. Zoals vuur en water niet samengaan. Op de Biddag en Dankdag voor Gewas en Arbeid, net als in elke dienst voor het Onze Vader, proberen wij ons telkens opnieuw bewust te worden dat wij zondaars zijn. Volledig gevangen in de zonde… zonder enige kans om er zelf uit te komen. Maar anderzijds ontwikkelen we ook telkens weer het bewustzijn: God vergeeft. Want God aanvaardt mij zoals ik ben. Misschien is dit dus uiteindelijk toch slechts een schijnbare tegenstelling.
God is duidelijk, maar mensen zijn wankel. Maken wij het christelijk geloof soms te ingewikkeld? – En hoe eenvoudig is het eigenlijk?
In de kern is het allemaal heel eenvoudig: God is liefde, en in de liefde is geen angst. En volmaakte liefde verdrijft de angst.
Dat zijn geen ingewikkelde uitspraken, maar de diepste waarheid. De Heer liefhebben en onze naaste – dat is eigenlijk niets ingewikkelds. Wij moeten steeds terugkeren naar dit eenvoudige geloof.
-----------------------------------------------------------------------
Helge Mutschler
Helge Mutschler werd geboren op 8 augustus 1974 en groeide op met drie broers en zussen in Freudenstadt in het Zwarte Woud. (Duitsland). Na zijn middelbare school en dienstplicht begon hij in 1995 aan een studie rechten aan de Universiteit van Hannover. Na succesvolle afronding van zijn studie en toelating tot de orde van advocaten in 2003 nam hij de leiding op zich van de Kamer van Belastingadviseurs in Nedersaksen (D). In 2005 promoveerde hij in de rechten. Helge Mutschler is sinds 2007 getrouwd met zijn vrouw Ann Juliette. Het gezin woont met hun kinderen in Hannover, de hoofdstad van de deelstaat Nedersaksen.
Op twintigjarige leeftijd ontving hij zijn eerste ambt als onderdiaken. Verdere geestelijke ambten en opdrachten volgden. In 2015 wijdde stamapostel Jean-Luc Schneider hem tot apostel op 41-jarige leeftijd. Zes jaar later, in 2021, werd hij aangesteld als districtsapostelhelper voor Noord- en Oost-Duitsland. In deze opdracht verzorgde hij gemeenten in Duitsland en de nieuw-apostolische christenen in Groot-Brittannië, Ierland, Noord-Europa, Rusland en Centraal-Azië.
Sinds 2024 dient de districtsapostelhelper als adviseur van de stamapostel binnen de coördinatiegroep van de Nieuw-Apostolische Kerk Internationaal.
Met zijn aanstelling als stamapostelhelper op Pinksteren 2025 is de vraag naar de opvolging van het internationale kerkleiderschap beantwoord.
Bron: NAC-Today
